Onwennig

Dit is een vervolg op:

In plaats van 12 weken gebruik ik nu 18 weken Olanzapine. Ja, het is gepaster om te spreken van maanden. Alleen ben ik daar nog niet aan toe. Dat voelt heel onwennig. Terwijl ik eigenlijk al gewend ben aan mijn nieuwe situatie.

Ik moet alleen erkennen dat mijn leven nooit meer hetzelfde zal zijn. Dat vind ik moeilijk. Ik ken mezelf minder goed zoals ik nu ben. Ik verbaas mezelf soms. Dat vind ik ook onwennig, want ik ga er prat op dat ik mezelf goed ken.

Is het beter zo? Ik weet het niet. Ik functioneer nu met behulp van pillen. Pillen waarvan het goed kan zijn dat ik ze de rest van mijn leven moet slikken. Ik weet het, er zijn ergere zaken en mijn leven is nog best wel aardig.

Alleen, ik mis nogal mijn vrijheid. Die is mij ook afgenomen, want naast dat mijn medicijnen niet meer in eigen beheer zijn, zijn mijn apparaten dat ook niet meer. Ik maak nu gebruik van apparaatvrije schermtijd. Dat werkt best goed, moet ik erkennen. Zeker als je de code door iemand anders laat invullen.

Dat betekent echter wel dat ik 12 uur per etmaal offline ben. Voor iemand die zo graag verbonden is als ik, is dat een redelijk tot forse ingreep. Het zou kunnen dat het beter is voor mijn gezondheid. Dat geloof ik best.

Het is alleen niet leuk. Ik wil ook weer eens langer opblijven. Ik wil in het weekend ook later op de avond nog kunnen gamen met vrienden. Of een serie-avond waarbij we wat meer kunnen kijken dan anderhalve aflevering.

Door de maatregelen slaap ik wellicht beter. Alleen wie gaat er mij vertellen dat ik anders heel slecht zou slapen? Dat weet je niet, want je kunt dat niet dubbelblind testen.

Je kunt natuurlijk de ene dag wel langer opblijven en meer schermen gebruiken en de andere dag dat niet doen. Alleen zijn dagen nooit precies hetzelfde, dus kunnen de verschillen ook aan andere zaken liggen. Bovendien is experimenteren met je gezondheid iets dat ik liever niet doe.

Dus houd ik mij (voorlopig) aan de beperkingen die mij opgelegd zijn. Het geeft me namelijk ook andere perspectieven. Het geeft me tijd tot bezinning en zorgt ervoor dat ik meer de tijd neem om bijvoorbeeld te lezen.

Zo ben ik er achter gekomen wat mijn jeugdboeken waren en waarom ze dat zijn. Tijdens het herlezen kwam ik er achter dat de strekking van de boeken mij bij zijn gebleven, maar de details totaal niet. Ik ga vanavond beginnen aan het laatste deel van de trilogie over de toekomst: ‘Het gulden vlies van Thule’

Inmiddels heb ik al best wat boeken gelezen. Stiekem verheug ik me er ook op wanneer ik ‘mag’ gaan lezen – alsof ik op andere momenten niet zou kunnen lezen. Nou, voor een deel voelt dat wel zo.

Dat is best gek. Mijn omgang met prikkels is dus zodanig dat ik overdag niet de rust heb om een boek te lezen. Dat zegt wel iets over het geduld dat ik op kan brengen gedurende de momenten dat ik online ben.

Wanneer ik een speciale computerbril heb die het blauwe licht uitfiltert, dan mag ik ook nadat mijn avondklok is ingegaan nog gebruik maken van beeldschermen. Dat is best aantrekkelijk.

Alleen zit ik dan wellicht weer met 2 brillen. Dat wil ik niet, dus ik ga vragen of ik mijn glazen in mijn huidige bril zó aan kan laten passen dat ik er blauw licht mee uit kan filteren. Dan kan ik ’s avonds nog een serie kijken.

Meer opties hebben is sowieso wel fijn. Zo zit ik er ook aan te denken om een e-reader te nemen, want mijn boekenkast staat al vol met boeken. Dan neem ik zo’n e-reader die geen blauw licht afgeeft natuurlijk.

Tenslotte kun je je richten op wat je allemaal niet meer kunt. Je kunt je ook richten op wat je allemaal nog wél kunt. Zo kan ik overdag nog gewoon mijn e-mails lezen, mijn nieuwsbrieven volgen, artikelen lezen, gamen, koken, op bezoek gaan bij mijn moeder, serie kijken met vrienden, fietsen, wandelen, dansen, muziek luisteren, overstappen op een nieuwe provider, genieten van een nieuwe telefoon, etc.

4 maanden, 1 week & dag is een hele tijd. Ik slik al 4 maanden, 1 week & 1 dag 20 mg Olanzapine. Vanavond doe ik het weer. Ik heb het nu zo vaak geslikt dat ik de tel kwijt was. Wellicht is dat een goed teken. Een teken van acceptatie.

Tenslotte, als ik er heel erg mee bezig zou zijn, dan zou ik precies weten hoe vaak ik die Olanzapine al heb geslikt. Terwijl ik het op moest zoeken. Misschien komt het goed. Een van mijn schoonzussen zei dan ook laatst terecht dat het gebruik van pillen voor het verbeteren van iemands lichamelijke conditie heel geaccepteerd wordt. Waarom zou dat dan niet zijn voor iemands mentale conditie?

Over een tijdje zal ik terug komen om dit verhaal te evalueren, net zoals ik verrast werd toen ik ‘Hoog stabiel’ terug las. Daarin stond dat ik die situatie nog wel langer wilde houden.

Ergens zou ik willen dat het zo bleef.

Johan Zijlstra – donderdag 23-04-2020

Klaarblijkelijk zijn mijn gebeden verhoord.

Hoog stabiel

Al 12 weken gebruik ik 20 mg Olanzapine. Het idee was dat dit tijdelijk zou zijn. Helaas is dat dus niet het geval gebleken.

Die Olanzapine is een antipsychoticum. Deze zorgt ervoor dat mijn ontremming niet verder ontregeld. Als ik last begin te krijgen van de dempende werking, dan kan ik afbouwen naar mijn standaard dosering van 5 mg.

Op zich is het fijn spul. Sinds ik Olanzapine gebruik, ben ik niet meer opgenomen geweest. We hebben ons wel vergist in de dosering toen we het laatst verhoogden. We hadden het meteen naar 20 moeten verhogen en niet eerst naar 10. Hierdoor ben ik hypomaan geworden en liep het bijna uit de hand.

Momenteel heb ik enorm veel controle over mijn leven. Dat komt omdat ik nog steeds ontremd ben én stabiel. Dat noem ik ‘Hoog stabiel’. Ik ervaar dat als zeer prettig.

Opstaan gaat prima. Ik kan de zaken doen die ik wil. Ik maak me minder zorgen. Ik ben flexibeler. Ik loop minder vast. Ik voel me goed, terwijl ik de zekerheid heb dat dit niet té wordt. Dat vind ik erg prettig.

Ergens zou ik willen dat het zo bleef. Dat is alleen niet realistisch. Op een gegeven moment dan zal de ontremming verzwakken en zal ik versuft worden door de dempende werking van de Olanzapine.

Alleen weet niemand wanneer dat zal gaan gebeuren. Aangezien ik al 12 weken in deze toestand ben, kan het nog best een tijdje duren voordat ik helemaal hersteld ben.

Bovendien kan ik niet al te veel op mijn hooivork nemen, want ik dien me er bewust van te zijn dat mijn beoordelingsvermogen enigszins vertroebeld is doordat ik dus nog steeds ontremd ben.

Toch vind ik het een geschenk, deze situatie.
Als je me ooit verteld had dat ik dit zou zeggen dan had ik je niet gelooft.

Wat zal ik in de tussentijd doen?
Ik ga me vermaken, ik ga me verdiepen, ik ga spelen, ik ga lezen, ik ga schrijven, ik ga leven.

Mocht je me tegen komen en me vragen hoe het gaat dan zal ik zeggen:

Gezien de omstandigheden gaat het goed.
Ik ben hoog stabiel.

Land van Nooit [Quli]

Er was eens een tijd dat ik een echte Pokémaniac was en dat ik me niet eens interesseerde in het andere geslacht. Dit verhaal gaat over de vrouw die dat veranderde.

Op een dag in Mei 2008 kwam ik samen met wat vrienden bij een vriend aan. Die vriend had aangegeven dat er die avond ook nog een vriendin van hem zou zijn en of wij dat erg vonden. Dat was niet het geval. Uiteindelijk zijn mijn vrienden aan mijn tafel gaan zitten om Magic te spelen. Zij en ik speelden geen Magic, maar we deelden wel een andere hobby: Pokémon Die bewuste avond hebben wij, al Pokémon spelend, doorgebracht op de bank bij die vriend thuis.

Het was heel gezellig en we hebben ons vermaakt. We hebben gelachen en Pokémon (heen en weer) geruild. Iets met een Deoxys. Ik weet niet meer hoe de avond eindigde, maar we hebben geen telefoonnummers uitgewisseld en ik ben gewoon terug naar huis gefietst met mijn vrienden.

De volgende dag realiseerde ik mij dat ik haar wel erg leuk vond. Ik was verliefd. Ik vroeg aan onze gemeenschappelijke vriend of hij dat tegen haar kon zeggen en of hij mij in contact kon brengen met haar. Zo hebben we alsnog elkaars telefoonnummers gekregen. We hebben elkaar ook toegevoegd op Hyves en wisselden berichtjes uit. Na verloop van tijd heeft ze te kennen gegeven dat zij een relatie niet zag zitten vanwege mijn bipolaire stoornis. Ze had opgezocht dat sommige mensen die manisch-depressief zijn wel eens vreemd kunnen gaan tijdens een manie.

Mijn argumenten dat ik al jaren stabiel was (ik ben vanaf half 2004 tot eind 2009 stabiel geweest), mochten niet baten. Toen ik haar vroeg of het ooit iets kon worden, heeft ze ‘Nooit’, gezegd. Dat was erg prettig, want daardoor kon ik verder met mijn leven. Ondanks dit alles, hebben we contact gehouden. Dit contact was niet altijd even frequent of intensief, maar het was prettig dat ze in mijn leven was. We hebben elkaar veel verteld en lief en leed gedeeld.

Ik heb wel eens gezegd dat het voor historici en biografen nog wel eens lastig kan worden om te reconstrueren hoe mensen door de decennia heen contact met elkaar hebben gehouden en daar blijf ik bij, want het is geen doen om te achterhalen hoe vaak en wanneer en waarmee we contact hebben onderhouden. SMS, bellen, E-mail, Hyves, Skype, Facebook, WhatsApp. Voor het leeuwendeel moet ik dus alles uit herinnering doen, maar wat ik uit de correspondentie die er was wel af kon leiden, is dat we regelmatig meer dan 3 maanden geen contact hadden. Voor mijn gevoel zijn is er zelfs een jaar geweest waarin we geen contact hadden.

Hoe dan ook, ik ben van Facebook afgegaan eind 2014. Zij was de enige van mijn Facebook-vrienden die graag contact wilde blijven houden. Om dit aan te geven, maakte zij dit duidelijk aan de man die voor onze ontmoeting had gezorgd. Dit was eind februari 2015, maar er was dan ook het een en ander gebeurd in haar leven in de tussentijd. Het laatste dat ik op Facebook van haar had gelezen, was dat ze ging trouwen. Op het moment dat ik weer contact met haar kreeg, was ze vrijgezel met kind.

Ergens in 2015 hebben wij plannen gemaakt om naar de Efteling te gaan in 2016. We hebben het hier meerdere keren over gehad. Nog voordat de tijd aanbrak waarop het lekker weer werd, kwam zij met de site ‘Geek Love’ aanzetten. Via deze dating website voor geeks werd ik verliefd op een vrouw. Hier heb ik het met haar veel over gehad en ze gaf aan dat ze o.a. daarom in 2008 niet iets met mij wilde beginnen, omdat ik zo snel en zo heftig verliefd werd. Toen ik zo’n moeite had met die onbeantwoorde verliefdheid kreeg haar moeder kortingsbonnen, waardoor zij onverwacht in een hotel te zitten in Oisterwijk, met moeder en kind. Dit zal eind Mei zijn geweest. We hebben gezellig gewandeld om een ven in de Oisterwijkse bossen en zij heeft er voor gezorgd dat ik niet meer verliefd was op die vrouw van Geek Love, ook al heeft die vrouw nooit bewust ‘Nee’ gezegd.

Dit is best een overwinning geweest, zowel voor haar als voor mij. Ik heb mijn verliefdheden nooit zo in touw kunnen houden en werd altijd meteen hotel de botel met een koe op zolder. Dit heeft altijd veel druk op mijn ‘mogelijke’ relaties gezet en zij heeft me verteld dat ze, op afstand, er al langer voor heeft proberen te zorgen dat ik dit inzag. Hierdoor heb ik een boek gekocht ‘Verslaafd aan Liefde’, wat mij heeft geholpen met het omgaan met verliefdheden. Ook om het verschil te zien tussen een echte verliefdheid en een, wat zij noemt, ‘bevlieging’. Het is nogal een wezenlijk verschil om echt verliefd te zijn en verliefd te zijn op een idee dat je van iemand hebt. Vriendinnen van mij hebben dit verhaal kunnen bevestigen en ook mijn trainer die mij helpt bij dit soort ‘perikelen’ is erg blij dat ik dit heb kunnen leren.

Tegelijkertijd heeft deze overwinning ervoor gezorgd dat zij anders ging kijken naar mij. In eerste instantie gebeurde er niets, omdat ik op date ging met iemand die ik níet kende, maar daar is enkel een vriendschap uit voort gekomen. Daardoor ontstond een gesprek met haar tijdens het praten over Pokémon GO. Zij had de dag dat het officieel uitkwam een vriendinnen-avond en ik heb 6 1/2 uur Pokémon GO gespeeld. De volgende dag wisselden wij ervaringen uit. Tijdens dat gesprek vertelde ze dat er een 21-jarige jongeman een avontuurtje wilde met haar. Ze is net als ik 31 en zat daar niet op te wachten, maar daardoor zal ze wel na gedacht hebben over het een en ander, want ze stelde de vraag:

“Wat vind je eigenlijk van mij”

Waarop ik zei: “Veel.”

Daarmee was het startsein gegeven en diezelfde vraag stelde ze ook tijdens een telefoongesprek, waarop ik het andere antwoord herhaalde: “Je bent onder andere geweldig.”
Tijdens datzelfde WhatsApp gesprek gaf ze ook aan dat ze niet zo gediend was van een man die ook in de Pokémon GO WhatsApp groep zat die ik twee weken daarvoor had aangemaakt, waar veel bekenden van mij in zaten. Ik had alleen niet van iedereen het telefoonnummer, dus ik had aan een bekende van mij gevraagd die wel die nummers had om de rest toe te voegen, maar hij voegde ook die man toe, die ik niet kende.

De volgende dag, een maandag, heb ik haar een lange e-mail gestuurd met wat dat ‘Veel’ allemaal precies voor mij inhield. De volgende dag stuurde ze een e-mail terug en eindigde dit met ‘Uiteraard sta je vrij om te daten e.d. maar dan weet je iig wat er speelt.’
Ze had wel gevoelens voor mij, maar ze was er nog niet achter of dit meer dan vriendschap was. Hierdoor kwam het dat ik op donderdag 21 juli een gesprek had met een vrouw tijdens Ons Systeem. Vlak voordat ik moest vertrekken vroeg ik aan deze vrouw: “Zou je het leuk vinden als ik je een keer bel?”, waarop zij antwoordde: “Nee, dank je.”
Onderweg terug wilde ik dit aan haar vertelde, maar ze kon niet meer bellen, dus stuurde ik een lang WhatsApp bericht waarop zij reageerde met: “En natuurlijk vind ik het niet erg als je me verteld over wat je meemaakt 🙂 immers ben ik gewoon nog steeds dezelfde … hoor ^^”

Een paar dagen later, op 24 juli, krijg ik wat berichtjes van haar. Ze eindigt met: “Ik denk dat ik een keer met …. ga afspreken” waarbij op de puntjes de naam van ‘die man’ zou staan. Waarna ze ook nog eens aangeeft, dat het plannen van die man waren. Ik was nogal verbaasd, maar aangezien ik mocht daten, mag zij natuurlijk ook daten…
Alleen vertelde ik haar mijn gevoel dat ik het niet zo prettig vond en toen gaf ze aan:
“Mja ik zal je heel eerlijk zeggen dat wel even 2x moest lezen toen jij vertelde over dat andere meisje.. Het was immers net nadat ik je die e-mail had gestuurd.

En ik denk dat ik et ook eigenlijk niet had verwacht. En dat dat meer de reden was dat ik et 2x moest lezen.”

Later gaf ze tijdens het appen aan dat ze het lastig voelt en dat ze ‘die man’ niet verteld had over haar gevoel voor mij. Op 30 juli vertelt ze me dat ze ‘die man’ gezien had, maar pas nadat ik een gesprek begonnen was met haar. De openheid en eerlijkheid die we hadden begint nu te verdwijnen… Ik wil er met haar over praten, maar ik krijg geen gesprek meer voor mekaar. Ik praat er met zowat iedereen over die er voor open staat. Ik ga er van uit dat het nu voorbij is.
Op 5 augustus hebben we een telefoongesprek. Daarin geeft ze aan dat ‘die man’ agressief was en dat ze niet verder met hem gaat. De gesprekken komen terug, alhoewel het soms lang duurt voordat ze reageert, een keer zelfs een hele werkweek.
We besluiten dat we elkaar beter willen leren kennen en dat we weer gaan e-mailen. Ik stuur haar een e-mail over muziek, maar ik krijg daar geen reactie op. Ik wil ook ouderwets gaan chatten, via Skype bijvoorbeeld, maar dat komt ook niet van de grond.

Tijdens het avondeten bij mij thuis op 15 augustus vertel ik dat ik contact heb met haar en de huisgenoot die haar op Facebook heeft verteld dat ze een relatie heeft met ‘die man’. Diezelfde dag heb ik via Telegram een gesprek met een vriend van haar, een jongen die ook Pokémon GO speelt en later toegevoegd is aan de WhatsApp groep en die ik al best veel gesproken heb en hij bevestigt het verhaal van mijn huisgenoot. Daarop besluit ik om haar hiermee te confronteren. Nog diezelfde avond heb ik een WhatsApp-gesprek met haar. Ze ontkent niet, ze maakt geen excuses, ze zegt geen sorry, ze gaat alleen maar zielig doen. En praten over ‘die man’.

Ik gooi de rol van gekwetste geliefde al snel van mij af en trek mij terug in de rol van vriend. Een manier om mij te beschermen en ik vraag haar de volgende dag:
“Oké. Sterkte.
Laat je me weten wat je gevoel zegt als je het weet?
Tot dan.”

Ze reageert meteen met:
“Ja doe ik”

Op dat punt heb ik het ook écht gehad met haar. Ik was boos. Gekwetst. Op dat moment kon ik mij niet herinneren dat iemand me zo gekwetst had. In mijn gedachten gaf ik haar nog een kans. Als ze binnen een week zou reageren en kon vertellen wat haar gevoel zei en waarvoor ze koos en aangaf wat ze wilde van mij of hoe wij ons nog tot elkaar konden verhouden, dan zou ik haar nog een kans geven.

Een week gaat verder en ze reageert niet. Ook al is dat hetgeen dat ik verwacht had, ik had het natuurlijk niet gehoopt. Ik hoopte dat ze in zou zien wat ze gedaan had. IJdele hoop blijkbaar. Alleen begint het besef te zakken wat er gebeurt is. Wat ze gedaan heeft. De liefde die ik voelde voor haar zet zich om in haat. Ik proef wraakgevoelens. Een vriendin zegt me dat ik het tegen ‘die man’ moet zeggen. Ik heb zijn telefoonnummer, maar omdat ik weet dat hij agressief kan zijn heb ik het nog steeds niet gezegd. Alsof ik haar wil beschermen tegen hem. Ben ik echt te lief voor deze wereld?

Er gaat nog een halve week voorbij en weer geen reactie. Het begint zijn tol te eisen. Op een bewuste nacht dat ik van de stad naar mijn woonplaats fiets, krijg ik het heel erg lastig. Ook al was ik op tijd terug naar huis gegaan, ga ik niet op tijd slapen, want ik kan mijn gedachtes niet tot rust krijgen. De volgende dag viert mijn oudste schoonzus haar verjaardag bij mijn moeder thuis. Ik kom 4 uur te laat, onder andere omdat ik zo langzaam fiets dat hardlopers mij inhalen. Ik probeer mijn stemming nog te verbeteren door het spelen van Pokémon GO, maar dat lukt niet.

Het is net alsof dat spel me nog meer doet denken aan haar. Ze heeft natuurlijk van origine natuurlijk al een grote verbintenis met Pokémon, maar ik heb de WhatsApp groep opgericht voor haar, want ik speelde het spel nog niet. Zo’n beetje iedereen in die groep heeft namelijk niet gewacht op de officiële uitgiftedatum, terwijl ik dat wel deed. De WhatsApp groep wordt niet meer gebruikt en het spel speel ik al bijna een week niet meer. Ergens voel ik me beter daardoor, maar de redenen waarom ik gestopt ben met spelen, vind ik niet zo goed. Stoppen met een spel, omdat het je doet denken aan een verloren liefde? Een verloren vriendschap?

Ondanks dit alles, weet ik dat zij altijd veel voor mij zal betekenen, ondanks haar gedrag. Of we ooit nog vrienden zullen worden weet ik niet. Ik ben al blij dat de haatgevoelens voorbij lijken te zijn. Het is namelijk waar wat ze zeggen. Het neemt je over. Overgeven aan haat is heel kwalijk, wat dat betreft kun je beter gewoon boos of zelfs kwaad zijn. Op zich is het ergens wel een goede levensles, ik weet nu zeker dat ik toch echt wel grenzen heb en wat ik doe als die grenzen worden overschreden.

Na 2 1/2 week, op vrijdag 2 september, stuurde ze overigens nog wat berichtjes, maar dat is het melden bijna niet waard. Een stel berichtjes over haarzelf en daarna, toen ik niet meteen reageerde, ‘Ik mis je’. Ik heb overigens helemaal niet meer gereageerd.
De volgende dag, gisteren, stuurde ze:
[11:03, 3-9-2016] Zij: Geen reactie
[11:03, 3-9-2016] Zij: Snap ik wel 🙁

Op het moment van dit typen, ben ik nog steeds niet van plan om te reageren.
Dat heeft met allerlei factoren te maken. Ik wil eerst voor mezelf duidelijk hebben wat ik van haar wil. Ik wil geen geliefde meer zijn, maar voor vriendschap heeft ze mijn vertrouwen toch ook wel heel erg geschonden. Zal ik haar ooit uitleggen waarom ik nu niet reageer? Vast wel. Neem ik op als zij deze week belt? Nee… ze mag mijn voice-mail in spreken. Ze is vrij om mij te e-mailen, het is niet alsof ik haar helemaal ga blokkeren of iets dergelijks. Dat is nergens voor nodig.

Het voornaamste heb ik al gedaan door er over te typen. Tenslotte verwerk ik heel veel door het voor me te zien. Het te ordenen. 3 uur en 4 pagina’s later kan ik wel zeggen dat het gebeuren me wel wat minder doet. Alsof je een hoofdstuk afsluit.

Oorspronkelijk gepubliceerd in Quli op zondag 04-09-2016 17:38