Eerst moet je boos worden

Dit is een vervolg op:

“Denk je dat het mogelijk is om de wereld realistisch te zien en niet depressief te zijn?”

Aan het eind van dat stuk moest ik heel erg denken aan de film Network. Ik ben namelijk van mening dat het belangrijk is om boos te worden. Daar begint het mee.

Het is niet zozeer belangrijk dat je ergens tegen of voor bent, maar vooral opkomt voor jezelf. Boosheid is een krachtig iets. Het wordt te vaak als negatief beschouwd, terwijl het een van de weinige krachten is die verandering in gang kan zetten.

Verandering is nu net datgene wat we nodig hebben. Als we onszelf niet snel aanpassen, dan komt er verandering die wij niet willen. Verandering is namelijk de enige constante. Het is maar net hoe wij willen dat die verandering er uit komt te zien.

Vooralsnog is het zo dat we nog best veel invloed hebben op hoe die verandering er uit gaat zien, maar dan moeten we wel eisen dat er naar gehandeld wordt. De vraag of hierbij genoeg mensen bereid kunnen vinden om zich in te zetten voor deze positieve verandering is inderdaad maar de vraag.

Belangrijk daarbij is om een goed verhaal te hebben, want verhalen kunnen ons overleven. Ze vertellen later waar wij voor stonden, wat ons motiveerde en wat ons kracht gaf. In die context is het dan ook zeer belangrijk om mensen hoop te geven, want dat is hetgeen dat overblijft.

Alleen eerst… eerst moet je boos worden. Zonder boosheid geef je niet genoeg aan hoe belangrijk het voor je is. Natuurlijk kun je je boosheid niet zomaar oproepen. Het is een hele sterke emotie. Toch… bedenk eens wat er gebeurt als we niet gaan handelen en we blijven voortmodderen zoals we nu doen… zou je daar alleen al niet boos om willen worden?

Zoals in het filmpje wil ik hiermee vooral benadrukken dat het gaat om opkomen voor jezelf. Geef aan dat je de strijd durft aan te gaan. Beken kleur. Laat de wereld weten wat jij ervan vindt. Wanneer je dat gedaan hebt, kun je je gaan concentreren op de manier waarop je verandering wilt bewerkstelligen. Oplossingen zijn namelijk het probleem niet, het is maar welke kant je wilt dat we gaan.

Zolang er maar genoeg mensen zijn die op deze manier boos worden en dit delen met de wereld, is er nog tijd. Genoeg tijd om het tij te keren en onze verantwoordelijkheid te nemen.

Dus daarom zeg ik het nóg één keer:

Word boos

Een illusie armer en een goede vriendschap rijker

Dit is een vervolg op ‘Ga je mee dansen?’

Het is voorbij.

Dat was het natuurlijk al, maar ik was eigenwijs. Ik geloofde blijkbaar zelfs mijn eigen woorden niet. Ik had meer duidelijkheid nodig. Dat heeft ze gegeven.

Dat deed alleen meer pijn dan ik verwacht had. Ik had namelijk het idee dat ik mijn gevoelens voor haar wel een beetje een plek had gegeven. Dat was blijkbaar niet zo. Dat is nogal confronterend. Wat dat betreft lijkt het contact met haar ook erg veel op het contact dat ik in het begin kreeg met ‘de andere twee’.

Ergens is dat heel mooi. Dat weet ik. Alleen vraag ik me nu af of mijn hart het verschil wel ziet tussen een goede vriendschap en, zoals ik dat noem, vriendschap+. Want tja, ik wil niet zomaar een relatie. Ik wil een romantische relatie met als basis daarvan vriendschap. Om de een of andere reden vind ik dat niet veel gevraagd, maar blijkbaar is het dat wel. Ik weet het niet. Misschien doe ik nog steeds iets verkeerd…

Nee, ik denk toch van niet. Het is vooral dat ik het heel erg graag wil en dat ik me vast grijp aan elke strohalm die ik tegen kom. Dat ik niet wil toegeven, dat ik het niet wil loslaten. Dat ik de realiteit té pijnlijk vind en dat ik daarom liever in mijn illusie blijf leven. Cognitieve dissonantie in optima forma. Dus wat dat betreft doe ik wel iets verkeerd. Ik doe mezelf iets aan en dat is iets dat ik mezelf best wel kwalijk kan nemen.

Tegelijkertijd moet ik ook gewoon accepteren dat het zo is. Dát ik dat gedaan heb. Ik weet nog niet of het me lukt om er iets van te leren, want het is nu de derde keer dat mij zoiets in deze mate overkomt. Ik houd van haar, maar ik moet gewoon meer van mezelf houden. Dat ik haar aandacht niet anders interpreteer dan voor wat het is. Oprechte interesse in mijn persoon, zonder dat ze meer wil.

Misschien is het zo dat ik hier nog even mee worstel. Misschien is het ook zo dat het ‘bij de ander’ op zal vallen dat ik graag wil. Het kan zijn dat dit een struikelblok vormt. Alleen ga ik me dat niet te veel kwalijk nemen. Tenslotte is het heel gezond voor een man als hij wat hunkert naar wat liefde, nietwaar?

Mezelf anders presenteren vind ik alleen zo lastig. Er zijn zoveel facetten aan mij en mijn bestaan en hoe ik in het leven sta, dat ik het heel erg lastig vind om in sommige situaties mezelf voor te stellen. Ik weet namelijk nog altijd niet wat mij mij maakt. Ik hoef me niet anders te presenteren dan ik ben, want zolang ik eerlijk ben over wat aan mij gevraagd wordt, dan kom ik best goed over.

Laat ik daar mezelf nu maar aan houden. Dat mensen mij over het algemeen goed gezelschap vinden en dat ik niet veel moeite hoef te doen om hun vriendschap of liefde te krijgen, want zoals gezegd: meedoen is belangrijker dan winnen.

“Ga je mee dansen?”

Dit is een vervolg op ‘De dame van de dansvloer‘.

Ik wist niet dat het nog kon. Ik wist niet dat ik er nog ruimte voor had.

Jaren geleden heb ik de liefde van mijn leven ontmoet. Ik noem haar nog wel eens zo, gekscherend, ook al hebben we nooit iets gehad. 4 jaar daarna heb ik iemand ontmoet waar het ook ontzettend mee klikte. Iemand die je gewoon begrijpt. Die twee delen een speciaal deel van mijn hart.

Ze moeten ruimte maken. Er is iemand die ook recht heeft op dat deel van mijn hart. Iemand die ook van dansen houdt, iemand die me aanvoelt, iemand die me wil begrijpen. Iemand die lekker gek met mij wil doen. Iemand die niet zomaar alles aanneemt, iemand die me uit mijn comfortzone laat stappen zonder dat ik er last van heb.

Iemand die me accepteert zoals ik ben en graag wil weten wat dat inhoudt.

Eerst was ik bang. Dat mijn wens dat het meer kon zijn dan het is, ons contact in de weg zou staan. Ik was namelijk verliefd op haar. Was? Ik ben het ergens nog steeds wel en het zal wel even duren voordat het helemaal weg is, maar een soortgelijk, aangrenzend, gevoel heb ik ook voor de twee eerder genoemde. Iets dat voorbij gaat aan een gewone vriendschap.

Is dat pretentieus? Misschien. Het is in ieder geval ambitieus. Ik wil graag onze band verdiepen. Vermoedelijk is daar voornamelijk tijd voor nodig. Het hoeft namelijk niet meer, meer te worden dan het nu al is. Het is nogal wat voor mij om tot dit inzicht te komen. Dat ik tevreden ben met de gang van zaken en dat ik niet wanhopig op zoek ben naar iets dat niet is.

Wanneer je me dit enkele jaren geleden verteld had dat ik zo’n emotionele gemoedstoestand zou bereiken, dan had ik je waarschijnlijk niet geloofd. ‘Zij die het weten, kunnen het niet uitleggen. Zij die het niet weten, kunnen het niet begrijpen.’ Die stelling is erg van toepassing nu.

Nee, helemaal snappen doe ik het ook nog niet, maar begrijpen des te meer. Het is niet alsof ik al die jaren geleden iets verkeerds gedaan heb. Ik wist gewoon niet beter. Tegelijkertijd zou het niet uitgemaakt hebben als ik toen wat anders had gedaan, want de liefde was niet, op die manier, wederzijds. Het is alleen wel zo dat ik mezelf dan een hoop lijden had kunnen besparen, maar men zegt wel eens dat je zonder pijn niet kunt groeien.

Nu staat ik er wat meer ambivalent in. Wat meer nonchalant als je wil. Het is niet dat het me niet interesseert, integendeel, maar ik snap beter waarom ze zeggen dat je het spel dient te spelen, maar zonder proberen te winnen, want het spel, op zich, is het doel.

Dus ja, ik ga graag mee dansen, want tenslotte is “Ga je mee dansen?” een hele andere soort vraag dan “Wil je met mij dansen?”.

Ik wist niet dat het nog kon, maar zij maakt het verschil.

De kracht van verhalen

Verhalen zijn er om verteld te worden. De manier waarop een verhaal verteld wordt, is bepalend hoe de boodschap van dat verhaal overkomt. De boodschapper is daaraan ondergeschikt. Sterker nog, bij veel verhalen is het niet eens duidelijk wie het als eerste vertelde.

Tegelijkertijd zijn er ook tal van verhalen die worden verteld door de mensen die ze ook zelf daadwerkelijk meegemaakt hebben. Helaas wil dat niet zeggen dat er dan beter naar deze verhalen geluisterd wordt. Daarom is het soms beter als verhalen worden omgezet in fictie, dat kan beter zijn voor de boodschap.

Het gevaar daaraan is alleen dat sommigen dan van mening zijn dat het dan enkel nog slechts vermaak is. We horen gedurende een dag tegenwoordig zoveel verhalen dat we sufweg niet de tijd hebben om aan elk verhaal evenveel aandacht te geven. Dat stemt mij treurig.

Reflecteren op een verhaal vind ik namelijk heel belangrijk. Wanneer je dit namelijk niet doet, boet het verhaal in kracht in. Misschien gaat de boodschap van het verhaal helemaal verloren of benadert het enkel je onderbewuste.

Qua fictie blijven mij sommige verhalen uit mijn jeugd mij erg bij. Het verhaal Lees dit niet! houdt me nog steeds bezig. In dat verhaal wordt er gesteld dat iets alleen echt gebeurd is als het verteld is en, juist in dit verhaal, omgekeerd: alleen als het verteld wordt, dan gebeurt het. Het verhaal stimuleert je zelfs om te stoppen met lezen, zodat het niet gebeurt!

De serie Griezelbus maakte mij bekend met het fenomeen ‘De Andere Werkelijkheid’. Deze AW zou bestaan naast onze eigen werkelijkheid en zo zijn eigen regels en wetten kennen en nooit echt worden gekend door ons.

Nog los van de discussie of dit nu lariekoek is of niet, is het een feit dat door dit soort verhaaltechnieken te gebruiken een verhaal extra sterk over kan komen. Of juist niet. Dat ligt aan de manier waarop de boodschap ontvangen wordt en vooral daar zit de uitdaging.

Hoe kun je een verhaal vertellen op zo’n manier dat je je boodschap kunt overbrengen op je beoogde publiek? Bovendien dien je ook nog eens te voorkomen dat men er niet vandoor gaat met de betekenis van je verhaal. Het is vrij lastig om je verhaal mooi, sterk & duidelijk te vertellen.

Toch blijven we het proberen, want een verhaal kan ons overleven. We mogen als mensen dan niet voor eeuwig leven, onze verhalen gelukkig wel.

“Denk je dat het mogelijk is om de wereld realistisch te zien en niet depressief te zijn?”

Deze vraag werd mij gesteld door een goede vriendin van me. Mijn eerste antwoord was: “Jazeker”. Daar nam ze, terecht, alleen geen genoegen mee. Vandaar dat ik dit nu typ, want ik ga uitleggen hoe ik dit nu zie.

Laat ik voorop stellen dat het mij niet is gelukt, indertijd. Het is heel moeilijk om jezelf staande te houden als je beseft hoe de wereld in elkaar steekt. Dat wil alleen niet zeggen dat het niet mogelijk is. Je moet alleen wel heel stevig in je schoenen staan en zelfs dan…

Een van de weinige overtuigingen die je dient te bezitten is een ongelooflijk geloof (in de vooruitgang van) / (in) de mensheid. Statistisch gezien gaat het ons steeds beter af. Tegelijkertijd leven we op geleende tijd. We zijn de aarde aan het uitputten op zo’n tempo die we letterlijk niet vol kunnen houden.

De vraag is hoe we daarmee om dienen te gaan. Bedenk je vooral dat het lijden in onze huidige wereld niet groter is dan het voorheen is geweest. We zijn er ons sufweg alleen meer bewust van. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat we onze kop in het zand moeten steken. Ik wil er vooral mee zeggen dat de mensheid al wel eens eerder grote problemen heeft overleefd.

“Resultaten behaald in het verleden bieden geen garantie voor de toekomst, maar bieden wel (ijdele) hoop.”

Natuurlijk weet ik niet om wat voor hoop het hier gaat, maar er zijn gewoon heel veel lichtpuntjes. Het is alleen lastig om ze te zien. Bovendien zijn ze ook nog eens slecht op waarde te schatten. Om zo’n periode als de huidige te ‘overleven’ dien je te beseffen dat, ondanks alles, de wereld het leven waard is.

Dat is alleen vrij lastig. Het overkoepelende model dat nu gehanteerd wordt, neoliberalistisch hyperkapitalisme, biedt gewoon weinig zingeving uit zichzelf. Dat moeten wij mensen zelf doen. Dat is alleen zo’n grote verantwoordelijkheid dat je daar zelf haast al depressief van wordt.

Mijn voorstel, mijn ideaal, is dan ook om ervoor te zorgen dat dit model afgedankt wordt door ervoor te zorgen dat de factor kapitaal minder belangrijk wordt. Als we geld kunnen hervormen, dan verandert het hele stelsel, mits het goed gedaan wordt. Natuurlijk betekent dat iets ‘kan’ natuurlijk niet meteen dat iets gebeurt, maar het geeft mij wel een goed doel in het leven. Iets om voor te streven.

In zekere zin is het dus wel heel belangrijk om ergens in te geloven, want je kunt niet wéten dat het goed komt. Je hebt enkel je geloof. Dat doet mij dan weer denken aan ‘vertrouwen hebben in de economie’, maar dat is een heel ander onderwerp.

Klaarblijkelijk heb ik geen concreet voorbeeld waaruit blijkt dat dit vertrouwen ergens op gestoeld is. Het is alleen wel zo dat dit geloof mij staande houdt. Alleen als je net ontdekt hoe de wereld in elkaar steekt, kan het nogal overweldigend zijn.

Daarom is het wel mogelijk dat iemand zich staande houdt tijdens die ontdekkingstocht, maar niet waarschijnlijk. Om te beginnen dient iemand dus al een hoop zelfvertrouwen hebben, geloven dat het goed komt en het leed van anderen kunnen ‘weerstaan’. Als je erg empathisch bent, is dit vrij lastig.

Depressie lijkt mij niet het grootste probleem waar dit alles toe kan leiden. Apathie is nog veel erger. Mensen gaan gewoon door met hun leven alsof er niets verandert is, alsof ze niet geraakt zijn door wat ze hebben geleerd.

Het is namelijk sufweg geen probleem meer als iedereen zou erkennen wat het probleem was. Als iemand dus de wereld realistisch ziet, goed in zijn of haar schoenen staat, vertrouwen heeft in de mensheid, zich realiseert dat wij ook andere problemen hebben opgelost, dan hoeft die persoon helemaal niet depressief te worden.

Boosheid is logischer. Tenslotte is dat hetgeen wat verandering kan veroorzaken – samen met liefde voor de mensheid. Veel van onze problemen hebben we zelf geschapen en kunnen we dus ook zelf oplossen. Dat de natuur nu aangeeft dat we moeten opschieten, is misschien net die externe motivatie die wij nodig hebben om ervoor te zorgen dat wij op deze planeet kunnen blijven met z’n allen.

Interne Dialoog [Quli]

Filosoof word je. Het is een manier van denken die je jezelf aan kunt leren. De leeftijd waarop je jezelf dit aanleert kan nogal verschillen.

Bij mij was dit nogal vroeg. Ik heb al vroeg in mijn leven methodes geleerd waarmee ik situaties kon analyseren. Dit is niet zomaar gebeurd. Vanwege mijn lage praktische intelligentie en mijn traagheid, was het voor mij noodzakelijk om te leren van anderen.
Leren van je eigen fouten is één ding, maar leren van de fouten van anderen is iets totaal anders. Voordat je zoiets überhaupt kunt doen, dien je je af te vragen waarom mensen de dingen doen die ze doen. Dat alleen al kan een dagtaak zijn en observeren is een methode om daar te komen.

Tijdens mijn kleuterperiode heb ik dan ook weinig tot niet gespeeld zoals andere kinderen dat deden. Ik vond het al leuk om te kijken hoe anderen speelden. Dat wil niet zeggen dat ik daar altijd veel van leren, ik kan nogal altijd niet fatsoenlijk vouwen of knippen of zelfs maar schrijven, maar gedachte experimenten ben ik al vroeg mee begonnen. Nee, ik weet niet wanneer dat precies is begonnen, maar dat ik op mijn 8e al de bewuste keuze nam om vegetariër te worden, omdat ik het zielig vond voor de diertjes zegt wel iets over mijn eigen beweegredenen.

Omgeving is alles en daarom is context erg belangrijk. Mensen handelen nooit in een vacuüm. Er zijn altijd mitsen en maren en het is daarom ook lastig om vuistregels of handvaten vast te stellen. Toch is het soms noodzakelijk dat je kunt kiezen zonder dat je alle gegevens voorhanden hebt. Tenslotte kun je niet alles technisch benaderen.

Zo zijn er situaties die je diep na laten denken als je je daarvoor open stelt.
Een methode die ik graag toepas is de dialoog.

Tijdens de dialoog beschouw je een situatie vanuit verschillende perspectieven en neem je verschillende rollen aan, zodat je kunt achterhalen wat verschillende mensen zouden kunnen vinden van deze situatie. Wanneer de rollen duidelijk zijn, kun je je personages hun stellingen laten poneren en met elkaar in debat laten gaan. Aangezien dit in je eigen hersenpan en / of bewustzijn plaatsvindt is er dan sprake van een interne dialoog.

Deze methode heeft nadelen. De uitkomst van zo’n debat is niet helemaal betrouwbaar, maar het is een goede manier om achter verschillende mogelijkheden te komen. Het is veel beter als je deze exercitie herhaalt met anderen om te achterhalen of je ontdekkingen kloppen, maar er zijn talrijke situaties waarin dit niet mogelijk is. Bovendien is het een traag besluitvormingsproces.

Tegelijkertijd kun je hierdoor veel begrip krijgen voor anderen. Je snapt beter waarom mensen de dingen doen die ze doen. Soms komt het ook voor dat de mensen in kwestie dankzij mij er achter komen waarom ze die dingen doen die ze doen, maar dat is bijvangst. Niet iedereen leeft zo bewust als ik…

Helaas kan deze methode zelfs gevaarlijk zijn. Soms probeer ik het namelijk toe te passen op mezelf om te achterhalen waarom ik iets wil. Dit zorgt voor een splitsing in mezelf waardoor ik op de gekste momenten na kan gaan denken over iets wat op dat moment helemaal niet relevant is én het kan er dus voor zorgen dat ik vastloop. Dit kan gebeuren over ogenschijnlijke triviale zaken als het wel of niet meenemen van een voorwerp tot het komen van een beslissing van een aankoop. Die laatste speelt nu bijvoorbeeld, aangezien ik aan het overwegen ben om een nieuwe telefoon te kopen – iets wat overigens totaal geen financiële overweging meer is, maar dat terzijde.

Mocht het bovenstaande al verontrustend klinken, bedenk dan wat er gebeurd als mijn beoordelingsvermogen versneld is… Wanneer ik manisch ben, maak ik nog veel meer gebruik van de interne dialoog, waardoor ik in staat ben om te ‘weten’ wat mensen gaan zeggen voordat ze het daadwerkelijk zeggen, aangezien mijn gedachtes dan zo snel gaan als een GO-computer (bij wijze van spreken natuurlijk, een GO-computer heeft geen gedachtes 😉 Nee, ik gebruik wel een soort van algoritmes, maar ik weet niet hoe ik dan precies ‘functioneer’.).

Gelukkig kan ik steeds beter aanvoelen wanneer ik die kant op ga of wanneer ik over-analyseer. Het lukt me ook steeds beter om het te laten wanneer het niet belangrijk is. Zo heb ik bijvoorbeeld besloten om de verschillen tussen een boek en de bijbehorende film niet uit te gaan zoeken, simpelweg omdat ik daar toch niet vrolijker van word en het niets veranderd aan één van beiden. Dat is iets dat ik op de harde manier heb moeten leren overigens.

Om mijn gezondheid in goede banen te leiden in verhouding tot bovenstaande gebruik ik muziek. Het heeft niet zo zeer een helende werking, maar eerder een … wat is het woord?
Het biedt een bepaald kader, een anker, een verbinding met de realiteit. Het is een vorm van structuur die ik zelf op kan roepen en zelf aan kan passen die tóch een vorm van willekeur in zich heeft.
Daarover ongetwijfeld later meer.

Oorspronkelijk gepubliceerd in Quli op zaterdag 26-03-2016 23:53